“Hij was een verrijking in mijn leven”

0

Op 13 december 1990 overlijdt Sebastián Beltrán Esteban op 34-jarige leeftijd aan de gevolgen van aids. Hij was een aantal jaar de levenspartner van Reina Foppen (58); ze hebben elkaar leren kennen tijdens vakantiewerk aan de Costa Brava. Met Reina’s herinneringen aan hem komt Sebastián (1956 – 1990) weer even tot leven.

“Ik ben in midden jaren tachtig een zomer gaan werken op een camping aan de Costa Brava”, begint Reina. “Ik had in die tijd in Utrecht een Frans vriendje en via hem kwam ik op die camping terecht. Daar werkte een groepje jongeren. Overdag werkten we en ’s nachts gingen we naar het strand. We rookten jointjes, zopen ons te pletter – echt feesten was het.”

Ook de Spaanse Sebastián werkt op de camping, als nachtwaker. “Ik vond het wel een lekker ding. Als we ’s nachts teruggingen naar de camping, bleef ik daar meestal hangen. Hij sliep boven de receptie – daar ben ik natuurlijk ook vaak geweest”, lacht ze. Sebastián vertelt haar dat hij geen lieverdje is geweest en in de gevangenis heeft gezeten voor een overval, al was hij daar slechts zijdelings bij betrokken. “Dat maakte hem eigenlijk nog spannender”, zegt Reina. “Ik werd wel erg verliefd ja, maar ik ging daarna gewoon nog met mijn vriendje op vakantie hoor, hahaha.”

Eenmaal terug in Nederland volgen er brieven aan en van Sebastián. Heel veel brieven. “We schreven in het Frans; zijn vader was met zijn gezin uitgeweken naar Frankrijk vanwege de Franco-dictatuur. We schreven elkaar echt wel wekelijks. Zo leerden we elkaar goed kennen. Voor hem was dat schrijven ook wel een soort uitklapklep. En ik? Ik werd alleen maar verliefder.”

Foto archief Reina Foppen

Naar Spanje

Reina doet in die tijd een avondopleiding modevormgeving aan de Kunstacademie, overdag werkt ze in een hotel. Na een jaar hakt Reina de knoop door: ze gaat naar Spanje. “Ik trok bij hem in in Santa Perpètua de Mogoda, een dorpje niet ver van Barcelona. Ik was er ondertussen al meerdere keren geweest, dus ik wist wel waar ik terechtkwam. Ik had ook al een paar vriendinnen daar.” Sebastián en Reina wonen in een piso, een appartementje, tweehoog, met een groot terras waar de buren ook de was ophangen. “Dat terras heb ik al snel geannexeerd en er allemaal planten opgezet. Verder was het heel karig, zeker het eerste jaar. Sebastián had geen werk, maar wel een uitkering. Daarvan konden we nét de huur betalen. En voor de rest… ik kan heel erg goed met weinig geld omgaan.”

Van oorsprong is Sebastián lasser, maar Reina ontdekt dat hij soms ook dealt. “Recreatief heroïnegebruik was in die tijd best wel normaal – er waren veel gelegenheidsgebruikers, maar ik heb dat nooit gedaan. Soms kocht hij wat heroïne die dan bij ons thuis werd versneden en verhandeld, voornamelijk aan vrienden.”

Erop terugkijkend vertelt Reina dat het een heel ander leven was, maar dat ze zich daar wel goed bij heeft gevoeld. “De anarchie die er heerste en de vrijheid vond ik geweldig. Ik heb dat echt ook van Sebastián geleerd, de ruimte nemen om mijn eigen dingen te doen, om autonoom te zijn. Hij nam die ruimte ook voor zichzelf en had overal lak aan. Als ik bijvoorbeeld klaagde dat ik de afwas altijd moest doen, dan zei hij doodleuk: ‘Dat komt gewoon omdat jij er eerder last van hebt dan ik. Laat het maar staan, ik ga vanzelf wel een keer afwassen’. Zijn familie woonde ook in het dorp en was belangrijk voor hem, en verder vond hij dat je uit het leven moet halen wat eruit te halen valt.”

Voluit leven

Foto archief Reina Foppen

In januari 1989 wordt Sebastián heel ziek. “Hij had een opgezette buik, heel dikke benen en voeten – het was echt niet goed. In het ziekenhuis bleek het kantje-boord te zijn. Hij had een levercirrose en zat helemaal vol met vocht.” De arts stelt voor om Sebastián ook te testen op hiv, vanwege zijn drugsgebruik. “Sebastián was ervan overtuigd het niet te hebben. Hij zei altijd zijn eigen spullen te hebben gebruikt”, vertelt Reina. “Dat was dus niet waar… Op advies van de dokter heb ik me, toen Sebastián de crisis was doorgekomen, laten testen op hiv. Mijn zus, die toen bij ons op bezoek was, is met me meegegaan. Zij was erbij toen ik mijn diagnose kreeg.”

Sebastián, zo vertelt Reina, neemt het vrij laconiek op dat hij hiv heeft. “Hij zei: ‘Ik heb gewoon met veel haast geleefd en dit is de consequentie’. Wel vond hij het heel erg dat hij het mij had gegeven. Maar verder had hij het er eigenlijk nooit over.”

Ze komen allebei in behandeling bij het universiteitsziekenhuis Vall d’Hebron in Barcelona. “Het ziekenhuis lag boven op een berg, daar scheurden we dan met de Eend naartoe”, weet Reina nog. “Dat had ook wel weer wat, al die steile straatjes. Sebastián kon geen AZT verdragen vanwege die levercirrose, en voor mij was het nog niet nodig, ik was verder gezond. Weet je, we hadden dit samen, het hoorde er gewoon bij. En het maakte ons ook wel een beetje onoverwinnelijk. We leefden bij de dag, maar niet met het idee dat het volgend jaar afgelopen zou zijn.”

In het najaar van 1989 maken Sebastián, Reina en haar zus met de Eend een reis naar Andalusië. “Naar zijn geboortedorp La Campana, op familiebezoek en oud en nieuw vieren in Sevilla. Dat was écht een supertrip. En verder gingen we vaak naar de bergen, waren we met vrienden… echt voluit leven, gewoon ervoor gaan.”

Goed afscheid

Vanaf juni 1990 gaat het steeds slechter met Sebastián. “Hij werd op dieet gezet. Geen vet, geen suiker, geen zout, geen alcohol, geen drugs… dat was pittig. Maar hij sloeg zich er redelijk dapper doorheen. Hij legde zich toe op tekenen, schreef songteksten voor zijn broertje. En we zorgden samen dat we het goed hadden.”

Op 21 november van dat jaar viert Sebastián zijn 34e verjaardag. Kort daarna gaat zijn toestand sterk achteruit en begin december wordt hij opgenomen in het ziekenhuis. “Het ging echt niet goed. Hij werd alleen op een kamer gelegd en kreeg zuurstof. Binnen een paar dagen is hij toen overleden, op 13 december”, vertelt Reina. “Ik was erbij… nu moet ik wel huilen ja… Ik heb goed afscheid genomen van hem, en hij van mij. Maar het is akelig om iemand te moeten laten gaan die je grote liefde is.”

De begrafenis, anderhalve dag later, regelt Reina “zo anarchistisch als praktisch toelaatbaar”. “Er was wel een kerkdienst, maar ik heb het kruis van de kist laten halen. Hij is in een muur gemetseld, zoals gebruikelijk in Spanje. Vervolgens is de hele vriendengroep bier gaan drinken. Naarmate we meer dronken, werden we steeds overmoediger. We wilden hem uit de muur gaan halen en hem naar de bergen brengen. Daar was hij thuis…”

Foto Linelle Deunk

Terug naar Nederland

Voor de vriendengroep is het overlijden van Sebastián ingrijpend. “Hij was de tweede die overleed. Toen Martí als eerste doodging, vonden we dat allemaal heel erg, maar waren we vooral blij dat hij niet langer hoefde te lijden. Maar Sebastiáns dood was andere koek. Hij werd op een andere manier gemist. En misschien drong het ook wel meer door: dit is nummer twee, wie is de volgende?”

Voor Reina houdt haar Spaanse leven op. “Ik had geen verblijfstatus. Sebastián was getrouwd, maar zijn ex was spoorloos, dus had hij niet kunnen scheiden – en ik had dus niet met hem kunnen trouwen. Ik moest het land uit. Wel ben ik snel teruggegaan naar mijn vrienden in Spanje, en het duurde echt wel even voordat ik me in Nederland weer thuis voelde.”

Reina vindt het moeilijk om voor te stellen hoe het zou zijn geweest als Sebastián niet was overleden. “Hij is, ondanks de korte tijd dat we samen zijn geweest, heel bepalend geweest voor mijn leven. Hij was een verrijking, dat zie ik echt zo. In Spanje ben ik geworden wie ik ben en daar heeft Sebastián een belangrijke rol in gespeeld. Sinds een paar jaar heb ik dankzij Facebook weer contact met Sebastiáns familie. Ik ben er een paar keer geweest en zij accepteren mijn dochter als onderdeel van hun familie, zo leuk! En zijn broer heeft meegedaan aan de X Factor en zingt nog steeds de teksten van Sebastián.”

Net als andere overleden familieleden en vrienden van Reina heeft Sebastián een plekje in de wall of fame op haar slaapkamer. “Ik kijk graag naar de portretten van mijn dierbaren, met name van mijn overleden hiv-maten. Van Sebastián hangt er een foto die mijn zus heeft gemaakt in Sevilla – die foto is me heel dierbaar. Ik zie hem dus nog elke dag.”

Oproep

Wil je ook herinneringen ophalen aan een dierbare die is overleden aan de gevolgen van aids? Stuur ons dan een mail naar info@hellogorgeous.nl en we nemen contact met je op.

Dit artikel verscheen eerder in hello gorgeous #36.

Tekst Wim Don Fotografie Linelle Deunk

Leave A Reply