“Ik ben volwassen geworden met hiv”

0

Jos Westerdijk is onlangs 80 geworden. Hij heeft een rijk leven achter de rug en vindt hiv niet het slechtste wat hem is overkomen.

“In 1984 hoorde ik dat ik hiv heb en ik besloot mijn hiv-status geheim te houden. Alleen mijn partner en de huisarts wisten ervan. De helft van de mensen ging toen op termijn nog dood. Ik besloot door te gaan met leven en er mijn mond over te houden, want ik wilde de rest niet met dit grote geheim belasten. Ik werkte als ambtenaar bij het ministerie van OCW en in de pauze las ik in de bieb allerlei medische tijdschriften. Van interessante artikelen maakte ik fotokopieën voor mijn hiv-consulent in Leiden. Ik dacht mee met de dokters en wist soms bij wijze van spreken meer dan zij. Later trok ik op met Kees Rümke van de Hiv Vereniging (stafmedewerker Medische Zaken tot zijn overlijden in 2014, red.)”

Reflex

“Ik ben nooit echt ziek geweest van mijn hiv. Maar in het midden van de jaren negentig was ik wel zwaar oververmoeid. Ik besloot meer mensen te vertellen over mijn hiv en deed dit heel zorgvuldig. Ik schreef ze eerst een brief en nodigde ze daarna uit om koffie te drinken en bij te praten. Sommige mensen waren verbolgen omdat ik het zo lang geheim had gehouden. Later volgden er gesprekken met mijn leidinggevenden, waar mijn bedrijfsarts bijzat. Ik vroeg aan hen om het nog geheim te houden, omdat ik het zelf een voor een aan mijn directe collega’s wilde vertellen.

Eind 1996 was er een Wereld Aids Dag-bijeenkomst in Den Bosch, met na afloop een fakkeloptocht. De volgende dag kocht ik een krant voor in de bus naar het werk. Ik sloeg de krant open, en op pagina 3 stond een grote foto van de fakkeloptocht, met mij achter een spandoek. In een reflex dook ik onder een stoel, om daarna meteen weer overeind te komen. Ik moest om mezelf lachen en dacht: waar ben je mee bezig? Toen ik op het ministerie aankwam, stapte mijn directeur op mij af en zei: ‘Ik dacht dat we het geheim moesten houden?!’”

“Je hoeft je als oudere homo totaal niet te vervelen, want er is overal wel een roze salon met activiteiten voor senioren”

Hinkstap

“Ik heb veel workshops, weekenden en therapieën gevolgd, wat me heel goed heeft gedaan. Een van die weekenden werd het zwarte weekend genoemd. De combinatietherapie was er net, en de psychologische overgang van doodgaan naar ‘eeuwig’ leven was voor veel mensen heel zwaar. Sommigen werden er volstrekt maf van. Ik heb dat zien gebeuren tijdens een van die weekenden. Dat weekend werd het ‘zwarte weekend’ genoemd.  Een van de begeleiders gebruikte daar de metafoor van ‘de bergpas overtrekken naar een nieuwe wereld’. Ik nam de stap de berg over en besefte: je kunt niet én je leven  goed afronden – waar ik al tijden mee bezig was – én ‘eeuwig leven’. Ik noemde dat twee concurrerende antivirusprogramma’s  tegelijk aan hebben. Ik wist daarna niet meer hoe het was om je leven goed af te ronden. Doodgaan, goed doodgaan, én continu doorleven, dat kan niet samen.”

Robuuste constitutie

“Mijn ouders zijn beiden niet ouder dan 80 geworden en mijn broers en zussen zijn ook rond hun 80egestorven. Ik vind dit wel een teken aan de wand. Ik merk wel dat ik minder kan dan een half jaar geleden en dat ik echt moet minderen in het vrijwilligerswerk. De mens lijdt het meest door wat nog komen gaat. Ik vind dat mijn taalvaardigheid snel achteruitgaat en kan slecht op namen komen. Ik zou mezelf meer moeten trainen met lezen en kruiswoordpuzzels doen. Maar ik moet niet zeuren, want Marijke, mijn acupuncturist waar ik een kwart eeuw kom, zegt dat ik een robuuste constitutie heb.”

Zendeling

“Je hoeft je als oudere homo totaal niet te vervelen, want er is overal wel een roze salon met activiteiten voor senioren. Ook lig ik ’s zomers in het zwembad en daar kom ik allerlei mensen tegen van vroeger uit Leiden. Ik ga geregeld naar de lunch op de Hiv Vereniging en ben daar op mijn plek. Daar ontmoet ik ook bijvoorbeeld veertigers, expats die soms te laat in de zorg zijn gekomen. Daar schrik ik van en dat brengt me weer terug naar de jaren tachtig. Ik heb een partner met wie ik niet samenwoon. We kennen elkaar al 40 jaar, met ups en downs. Hij kookt als vrijwilliger voor Mara in Rotterdam. Ik kom daar ook mensen tegen uit andere culturen. Ik moet dan oppassen dat ik geen zendeling word en mensen vertel hoe ze met hun hiv moeten omgaan. Mijn hiv-verpleegkundige zei me ooit dat ik te veel met hiv bezig ben. Die opmerking is me altijd bijgebleven, omdat ik het kennelijk niet pikte. De manier waarop ik met hiv bezig ben, is voor mij zo vanzelfsprekend, zo’n must, dat ik het als kritiek ervaar als iemand me hierop aanspreekt. Hiv is niet het slechtste dat mij is overkomen; ik ben er volwassen mee geworden.”

Dit artikel verscheen eerder in hello gorgeous #46.

Tekst Leo Schenk Beeld Linelle Deunk

Leave A Reply